Het dagboek van een deugniet.

Het dagboek van een deugniet. Welkom in mijn dagboek!

zaterdag 31 oktober 2009

BOE! BOE! BOEkenbeurs



Wanneer vroeger de dertiende op een vrijdag viel, verliet geen enkel schip de haven. De bemanningen durfden dat niet omdat vrijdag de dertiende ongeluk bracht. Daar moet ik ineens aan denken. Meester Frank vertelde ons dat een tijdje geleden in de klas. Vandaag vallen er ook twee dingen samen: het begin van de BOEKENBEURS en … HALLOWEEN! Twee dingen waar ik toevallig heel veel mee te maken heb. Maar ik heb geen schrik, hoor. Ik ga doodgewoon poepsimpel naar de boekenbeurs. Griezelschrik heb ik niet meer sinds ik in de Griezelfabriek ben geweest. En boekenschrik heb ik evenmin. Jij toch ook niet?

Ga je mijn boek bekijken, wanneer je naar de boekenbeurs komt? Benno en de Griezelfabriek ligt op je te wachten in de stand van de Standaard Uitgeverij en Manteau. Daar vind je ook de strips van Suske en Wiske en De Rode Ridder en Urbanus en boeken van onder anderen Marc de Bel. Je kan er lekker lang rondneuzen. Je mams of paps zullen in dezelfde stand immers zoet zijn met boeken van Tom Lanoye, Pieter Aspe, Herman Brusselmans of Tom Naegels. Als je ze met die beroemde schrijversnamen niet kunt lokken, heb ik nog dit geheime wapen voor je. Zeg ze het toverwoord: ‘Goedele Liekens’. Als ze dan nog steeds niet bijten, stuur je maar een S.O.S. uit, want dan weet ik het ook niet meer. Tot op de boekenbeurs?

Oh ja, wil je dat Eric iets in jouw exemplaar van ‘Benno en de Griezelfabriek’ schrijft? Dat kan! Hij zit aan een tafeltje met zijn speciale signeerpen op vrijdag 6 november van 12 tot 14 uur en op zondag 8 november van 16 tot 18 uur.

donderdag 29 oktober 2009

Fietsen met de politie

In onze klas is een meneer van de politie komen vertellen dat we heel voorzichtig moeten zijn op straat. Zeker als we fietsen moeten we goed uitkijken. Daarna gingen we met zijn allen een fietstochtje maken. De meneer van de politie is toen van zijn fiets gevallen. Dat was grappig!

woensdag 28 oktober 2009

Ridders van bomen

Net reed ik op mijn fiets door een laan met bomen die nog bijna allemaal hun bladeren hebben. Mooi zo! Die bomen zijn mijn helden. Ik zie ze als stoere ridders in een houten harnas die met hun takken dapper de herfst van zich afslaan. Nu en dan verliezen ze toch een blaadje, van de seizoenen kan je niet winnen. Maar wat een strijd leveren ze!

dinsdag 27 oktober 2009

Spoken in het vertelhuis Seefhoek

Halleluja! Scholieren hebben Eric zijn vuurdoop gegeven: hij heeft voor de eerste keer voorgelezen uit zijn – of beter: uit MIJN boek. Deze morgen was hij in het vertelhuis Seefhoek in de Lange Beeldekensstraat in Antwerpen. De gewillige slachtoffers waren de jongens en meisjes van 4 A en 4 B van de basisschool Sint-Maria. Wat kunnen die mooi in koor ‘Goeiemorgen meneer’ zeggen! Toen is Eric beginnen spoken, ik bedoel voorlezen. Snurk snurk, gaap gaap! Nee hoor, er is niemand in slaap gevallen. Enkel de juffen, die van grote schrik helemaal op de achterste rij waren gaan zitten, hebben een uiltje geknapt. Oehoe … dat is maar een grapje hoor. Ze waren helemaal niet bang en ze zijn ook niet ingedommeld. En er is niemand gillend naar buiten gelopen. Dus zo griezelig zal het wel niet geweest zijn. Er is zelfs veel gelachen. Mooi zo. Eric mag dat van mij vaker doen, dat voorlezen. En tegen de meiden en de kerels van 4 A en 4 B zeg ik: fijn dat jullie er waren. En denk eraan: lezen is gezond.

zaterdag 24 oktober 2009

Mijn straf

Mams is kwaad om me. Iemand heeft geklikt! Zij weet van het waterpistool en de peper en nu mag ik het hele weekend de deur niet uit. Huisarrest. Maar het ergste moet nog komen: ik moet van haar mijn zolderkamer opruimen. Ik haat opruimen en ik haat het wanneer alles netjes op orde staat. In al die netheid vind ik nooit mijn spullen terug! Ik laat veel liever alles rondslingeren. Dan zie je tenminste waar alles ligt.

vrijdag 23 oktober 2009

Ik schiet Joris zijn kop eraf!

De hele dag liepen Joris en ik met onze pistolen in onze boekentas rond. Heel even dacht ik dat meester Frank het ging ontdekken. Je mag in onze school namelijk geen pistool meebrengen. Na de bel van vier gingen we dan naar de wei. Heel de klas was meegekomen om te zien hoe ons duel zou aflopen. Joris en ik stonden rug tegen rug. Ik klemde mijn pistool stevig in de hand. Toen deden we ieder tien passen en draaiden we ons om. Ik mikte op de stomme kop van Joris die zijn tong naar me uitstak omdat hij dacht dat ik toch zou missen. Maar dat had hij lelijk mis! Ik haalde de trekker over en schoot hem recht in zijn neus. Hij schrok zo hard dat hij meteen zijn revolver liet zakken, de trekker overhaalde en zichzelf helemaal nat maakte. Zijn broek droop, het leek wel of hij erin gepi… je weet wel. Toen begon hij als een bezetene aan zijn neus te pulken en te niezen en nog eens te niezen en nog wat harder te niezen. Zal ik je mijn geheim verklappen? Ik had mijn waterpistool gevuld met het kookvocht van spruitjes waar ik een heel potje peper had bijgedaan. Wedden dat Joris het hele weekend blijft niezen en maandag met een rode neus naar school komt. Eigen schuld, dikke bult. Nu kan hij echt de clown uithangen!

Ik ben uitgedaagd voor een duel

Joris heeft me weer eens uitgelachen toen ik in mijn haar krabte. Kan ik eraan doen dat mijn hoofd jeukt? Het gebeurde in de gang, net voor we in de klas gingen. Hij stond achter me en fluisterde ‘luizenkop’. Wel, ik heb nog liever een luizenkop dan geen kop! Ik draaide me om en heb keihard op zijn voet gestampt. Ik denk niet dat hij er veel van heeft gevoeld want hij gaf geen kik. Nu ben ik door hem uitgedaagd voor een duel, morgen om vier uur in de wei achter onze school.